Beluister deze pagina met proReader

Vragen D66 Doorwerthsche Waarden

vrijdag 2 juli 2010

Op 17 juni jl. bezochten wij een informatiebijeenkomst over de rivierverruiming in de Doorwerthsche uiterwaarden. Op de bijeenkomst werd een voorkeursvariant gepresenteerd door Rijkswaterstaat. Op de bijeenkomst werd verteld dat de voorkeursvariant positief was ontvangen en akkoord bevonden  door de bestuurders in de omgeving inclusief de gemeente Renkum. De variant bestaat uit het verleggen van de zomerkade en het verlagen van de oever. In de uiterwaard zelf wordt een beperkt aantal maatregelen voorgesteld. Zo wordt er rondom de steenfabriek een ooibos aangelegd en wordt het pad bij kasteel Doorwerth recreatief toegankelijk gemaakt.

De nu voorgestelde maatregelen zijn voor het binnendijkse deel van de uiterwaard minder ingrijpend dan de eerder dit jaar door RWS getoonde varianten. In die varianten werd bijvoorbeeld gekozen voor een verlaging van de zomerkade waardoor de rivier vaker de uiterwaard zou overstromen. Ook is een variant uitgewerkt waarbij de zomerkade niet zou worden verlaagd maar waarbij er strangen in de uiterwaard zouden worden gegraven.

In het bestemmingsplan buitengebied heeft de uiterwaard voornamelijk de bestemming agrarische gebied met landschapswaarden.  In het LOP staat over de uiterwaarden: Uitgangspunt voor de uiterwaarden is behoud van het huidige, karakteristieke open landschap met zijn cultuurhistorische waarden. Inrichting en beheer zijn gericht op het realiseren van een groot aaneengeschakeld (half)natuurlijk grasland met extensieve begrazing door runderen. Ook hier is ruimte voor agrarisch natuurbeheer. Beeklopen, oude geulen met de daarbij behorende beplantingen en hoogteverschillen worden hersteld. Voor recreanten wordt het gebied toegankelijker gemaakt wat de belevingswaarde van het rivierenlandschap verhoogt.

 

D66 heeft naar aanleiding van deze voorlichtingsavond de volgende vragen:

1.      Wat is de reden en motivatie van u geweest om in te stemmen met de nu getoonde voorkeursvariant.

2.      Welke andere varianten heeft u daarbij overwogen en kunt u die ons tonen.

3.      Wat waren de voorkeuren van de overige betrokken partijen, weken deze af van de nu gekozen voorkeursvariant en waarom.

4.      Past de nu gekozen voorkeursvariant naar uw mening in het door de gemeenteraad vastgestelde Landschapsontwikkelingsplan en kunt u motiveren waarom.

5.      Past de nu gekozen voorkeursvariant naar uw mening binnen het bestemmingsplan buitengebied en kunt u motiveren waarom.

6.      Wat is uw motivatie geweest om bij het bepalen van een voorkeursvariant de raad daarover geen standpunt te vragen.

7.      Wat zijn de gevolgen voor de bedrijfsvoering van de agrariĆ«r(s) in de uiterwaard uitgaande van de inrichtingsvariant die nu wordt voorgestaan. 





print pagina Mail een vriend

Inhoudsopgave


D66 nieuwsbrief (klik op afbeelding)



Het Lenteakkoord