bouwen, wonen & ruimte
Verkiezingsprogramma 2010-2014
Algemeen (ruimtelijke ontwikkeling)
De hoge kwaliteit van het groen en de architectuur in de gemeente Renkum wordt door praktisch alle inwoners in het hart gesloten. Deze omgeving dient dan ook met zorg en respect te worden beheerd, met behoud van het dorpse karakter.
-
D66 wil meer openheid van het bestuur en burgers al in de initiërende fase betrekken bij het maken van (bouw-)plannen.
-
D66 wil meer verrassende en afwisselende architectuur in nieuwbouwplannen.
-
Bouwplannen moeten passen in de omgeving en mogen niet ten koste gaan van ruimte die op een andere waardevolle manier wordt benut.
-
D66 wil de hoeveelheid papier die nodig is voor het verkrijgen van vergunningen verminderen en meer investeren in goed overleg over ontwerp en uitvoering.
Ruimtelijke kwaliteit
-
Bestemmingsplannen moeten passen in het groene en dorpse karakter van de gemeente.
-
D66 wil geen verstening van de openbare ruimte.
-
D66 wil het aantal reclameborden langs de openbare weg terugdringen.
Algemeen (wonen en bevolkingsopbouw)
D66 wil een beter functionerende en gevarieerdere woningmarkt. Hiervoor is het van belang om de juiste woning op de juiste plaats te bouwen. Binnen de gemeente Renkum is geen ruimte voor uitbreiding zonder natuur op te offeren, daarom is D66 tegen grootschalige uitbreidingen. De gemeente Renkum heeft eerder dan de meeste andere gemeenten een periode van vergrijzing en beperkte bevolkingsgroei doorgemaakt. De gevolgen van de krimp zullen volgens D66 dan ook beperkt zijn.
-
D66 spant zich in om de voorzieningen en een evenwichtige bevolkingsopbouw op peil te houden door geschikte woningen voor gezinnen te realiseren. -
D66 wil de doorstroming bevorderen en de stimuleringsmaatregelen, waaronder de starterslening, nadrukkelijker onder de aandacht brengen.
-
Vervanging van verouderde woningen door moderne woningen en ‘rood voor rood’ kan de doorstroming bevorderen.
-
De 50/50 verhouding vrije sector/sociale huur en koop moet vervangen worden door een verhouding waarin meer aansluiting bij de marktvraag wordt gevonden.
Sociale structuur
-
D66 wil bij het vormgeven en inrichten van wijken meer aandacht voor het verbeteren van de sociale structuur.
Honden
- De gemeente moet duidelijk aangeven waar honden los mogen lopen en kunnen worden uitgelaten. In uitlaatzones moeten depodogs worden aangebracht. Daarbuiten moet streng worden gehandhaafd.
Het volledige Verkiezingsprogramma 2010-2014 D66 Renkum kunt u hier downloaden.
Geen woningen op locatie speeltuin Stenenkruis
D66 is tegen de bouw van woningen op het terrein aan het Stenenkruis in Oosterbeek waar nu een speeltuin en een trapveld is. Het college van b&w is namelijk voornemens om op dit terrein en het aangrenzende agrarisch perceel 13 woningen te bouwen.
![]()
In de commissie-vergadering van 10 februari j.l. heeft D66 dan ook het volgende ingebracht.
De speeltuin en aangrenzend trapveldje hebben een belangrijke functie voor de omliggende buurten en de school. Het is een unieke ruimte waar kinderen spelen, ouders samenkomen, buurten activiteiten organiseren en naschoolse opvang gebruik van maakt. Bovendien is het vooral door inzet van de buurtbewoners zo'n leuke plek geworden. Het is dan ook zeer terecht dat de omwonenden stellen dat de sociale cohesie in de buurt wordt vergroot door deze voorziening. Door de ligging en de openheid is de (sociale) controle optimaal. D66 kan bijna niet geloven dat het college deze plek wil laten verdwijnen of verplaatsen. De voorgestelde bouw van 13 woningen vinden wij ook veel te massaal en dit past niet bij het karakter van de omgeving.
Tegen de bouw op het aangrenzende agrarisch perceel hebben wij minder bezwaren. Echter, het is waarschijnlijk onmogelijk om daar nu te bouwen omdat dit wordt geblokkeerd door de hindercirkels van een naastgelegen agrarisch bedrijf.
In de conceptstructuurvisie zijn dit bedrijf en het agrarisch perceel bestempeld als te herstructuren gebied. D66 zou dan ook liever zien dat mogelijke ontwikkelingen zich richten op het hele gebied zodat er eventueel een samenhangend geheel kan ontstaan.
Kortom: de speeltuin en trapveldje moeten blijven op de huidige plek en woningbouw op het aangrenzende terrein kan alleen als dat juridisch mogelijk is.
Jasper Verstand
Steunfractielid D66
Bekijk de voorstellen van het college op:
Weverstraat, de antwoorden
Op 30 januari heeft D66 vragen gesteld aan het college over de verbouw van de panden aan de Weverstraat 20 t/m 24 in Oosterbeek. Inmiddels hebben wij de antwoorden van het college ontvangen. Oodeelt u zelf over de informatie van het college en lees hieronder de vragen en antwoorden.
1. Kunt u ons een volledig overzicht geven van de financiële onderbouwing van dit plan? Graag daarbij alle kosten en baten inzichtelijk maken en daarbij aangeven wat er veranderd is ten opzichte van 2005, toen het onderwerp in de commissievergadering is besproken.
Weergave afspraken 2005 cursief weergegeven
|
Verwachte boekwaarde panden Weverstraat 2008 |
€ 750.000,- |
€ 707.500,- |
|
Overeengekomen verkoopprijs |
€ 550.000 |
€ 550.000,- |
|
Verwacht verlies |
€ 200.000,- |
€ 157.500,- |
|
Reeds getroffen voorziening |
€ 46.400,- |
€ 46.400,- |
|
Nog te nemen verlies door Gemeente Renkum |
€ 153.600,- |
€ 110.100,- (maakt deel uit van de exploitatieopzet voor Oosterbeek Centrum) |
|
Kosten bodemsanering (raming) |
€ 30.000,- |
|
Daarnaast heeft de gemeente aan Vivare € 30.000,- (30.000,-) beschikbaar gesteld vanuit het ISV2 en wordt vanuit het bouwfonds cultuurfonds € 20.000,- (20.000,-) beschikbaar gesteld aan Vivare. De mogelijke BLS à € 10.000,- per sociale huur- of koopwoning, subsidie bestaat ondertussen niet meer .
Voor wat betreft het verwachte verlies van Vivare heeft de gemeente afspraken gemaakt over de compensatie in de vorm van een inverdiencapaciteit ter waarde van € 250.000,- binnen een te ontwikkelen nieuwbouw- of herstructureringslocatie binnen de gemeente Renkum. Indien het niet mogelijk is om genoemde compensatie voor 1 januari 2009 te regelen, zal de gemeente Renkum overgaan tot uitbetaling in contanten, tenzij andersluidende afspraken hieromtrent zijn opgenomen in de prestatieafspraken tussen Vivare en de gemeente Renkum.
In 2005 is de gemeente een inspanningsverplichting aangegaan om het verlies van Vivare op dit project te compenseren. Het ging daarbij om een bedrag van int totaal € 310.937,- (= incl. ISV subsidie, bijdrage bouwfonds cultuurfonds en BSL).
2. Kunt u aangeven welke afspraken zijn gemaakt met Vivare over de te verdelen kosten tussen gemeente en Vivare?
De gemeente neemt de kosten van het saneren voor haar rekening. Vervolgens neemt Vivare de kosten voor het aankopen van de grond, het verwijderen van asbest, de sloop van de panden met behoud van de voorgevels en de bouw van de winkelruimten en appartementen voor haar rekening.
3. D66 heeft twijfels of de panden zoals ze er nu staan, niet meer te restaureren zijn. Kunt u aangeven op basis waarvan u concludeert dat de panden, met uitzondering van de voorgevels, afgebroken dienen te worden?
Het is in deze niet zo dat wij als college gesteld hebben dat de panden niet te restaureren zijn. Als college hebben wij gezocht naar een partij die bereid was de panden te vernieuwbouwen met als insteek behoud commerciële winkelruimten en de realisatie van 4 appartementen (waarvan minimaal 2 appartementen in de sociale sector). Dit met daarbij de inachtneming van de status van het gebied weverstraat noord als beschermd dorpsgezicht. Vivare heeft daar op ingespeeld en een drietal mogelijkheden onderzocht waaronder ook restauratie. Op basis van een kosten-baten afweging en de onmogelijkheid om het gevraagde programma binnen de huidig gestelde (beleids)kaders qua afmeting en maatvoering te kunnen realiseren, is daarop besloten om met de variant verder te gaan waarin de voorgevels behouden blijven en het gevraagde programma gerealiseerd kan worden.
4. Bent u eventueel bereid een onafhankelijk onderzoek uit te laten voeren naar de staat van de panden?
Nee.
5. Kunt u aangeven welke gedeelten van de panden onder het beschermend dorpsgezicht vallen? Alleen de voorkant of ook de achterkant?
6. De fractie van D66 heeft twijfels over de gepresenteerde afmetingen van de plannen. De uitbouw aan de achterkant zal verder uitsteken dan wij op basis van uw presentatie kunnen zien. Kunt u de exacte maten van het nieuwe plan overleggen?
7. Tijdens de informatieavond is door de wethouder aangegeven dat er afspraken zijn gemaakt met de bewoners. Kunt u exact aangeven welke (harde) afspraken over gebruik en vertrek er met de huidige bewoners en gebruikers van de panden zijn gemaakt?
Op 23 oktober 2007 heeft ambtelijk overleg plaatsgevonden met de heer Balster en mevrouw Lotze, bewoners van de gekraakte panden. In dit overleg is afgesproken dat de gemeente tijdig bij de bewoners zal aankondigen wanneer met de sloop/bouwwerkzaamheden zal worden begonnen. Dit zodat de bewoners een redelijke termijn hebben om de gekraakte panden te verlaten. De bewoners hebben aangegeven dat zij hun medewerking verlenen om de gekraakte panden binnen gestelde termijn te verlaten, mits voldoende duidelijk is dat daadwerkelijk met de sloop en/of bouw wordt gestart. Voorgaand aan dit ambtelijk overleg heeft de toenmalig burgemeester, de heer Klein, op 2 juli 2007 overleg gevoerd met de bewoners van de gekraakte panden en daarbij een gesprek gehad met een grotendeels gelijke inhoud en uitkomst.
8. D66 is al lange tijd voorstander van een permanente atelier- en expositieruimte in de gemeente Renkum. Op verschillende locaties zijn atelier- en expositieruimtes die moesten sluiten (Oude drukkerij) of nog moeten gaan sluiten (Talsmalaan, Gelderse Roos). Bent u het met de fractie van D66 eens dat er behoefte is aan een permanente atelier- en expositieruimte in de gemeente Renkum? En bent u bereid om samen met uw collega van cultuur de sluiting van de atelier- en expositieruimte aan de Weverstraat aan te grijpen om een definitieve permanente atelier- en expositieruimte te zoeken? Als suggestie zouden wij u willen meegeven dat u dat doet samen met culturele organisaties.”
Op 25 januari 2006 is door de gemeenteraad van Renkum de cultuurvisie vastgesteld. In deze visie wordt gesteld dat de gemeente geen atelierbeleid formuleert, maar dat zij wel blijft zoeken naar voldoende (tijdelijke) ateliers en buitenlocaties waar zowel professionals als amateurs kunnen werken, met kunstenaarsorganisaties zoals b.v. Scarabee.
Daarnaast blijft de gemeente oog houden op kansen die zich voordoen om daar waar mogelijk atelierruimte te creëren en/of beschikbaar te stellen (passend binnen bestaande afspraken, bestemmingsplannen)
Ook is in de Cultuurvisie verwoord dat de gemeente mogelijkheden voor expositieruimte zal onderzoeken en samenwerking op het gebied van horeca, museum en expositieruimte stimuleren. Vooralsnog zal de gang bij de raadszaal gebruikt worden als (tijdelijke) expositieruimte. Het college is blij met initiatieven waarbij (tijdelijke) expositie ruimte beschikbaar gesteld wordt, zoals bijv Bernulphuskerk, de Gelderse Roos en Everwijnsgoed
D66 stelt vragen over panden Weverstraat
31 Januari 2008
Het college heeft plannen gepresenteerd voor de panden aan de Weverstraat 20, 22 en 24. De presentatie roept bij de D66 fractie verschillende vragen op. Die hebben we woensdag 30 januari tijdens het vragenuurtje in de gemeenteraadsvergadering gesteld. De vragen worden door het college schriftelijk beantwoord.
Geacht College,
Op maandag 21 januari heeft u het bouwplan gepresenteerd voor de panden Weverstraat 20, 22 en 24. De presentatie roept bij ons de volgende vragen op:
1. Kunt u ons een volledig overzicht geven van de financiële onderbouwing van dit plan? Graag daarbij alle kosten en baten inzichtelijk maken en daarbij aangeven wat er veranderd is ten opzichte van 2005 toen het onderwerp in de commissievergadering is besproken.
2. Kunt u aangeven welke afspraken zijn gemaakt met Vivare over de te verdelen kosten tussen gemeente en Vivare?
3. D66 heeft twijfels of de panden zoals ze er nu staan niet meer te restaureren zijn. Kunt u aangeven op basis waarvan u concludeert dat de panden, met uitzondering van de voorgevels, afgebroken dienen te worden?
4. Bent u eventueel bereid een onafhankelijk onderzoek uit te laten voeren naar de staat van de panden?
5. Kunt u aangeven welke gedeelten van de panden onder het beschermend dorpsgezicht vallen? Alleen de voorkant of ook de achterkant?
6. De fractie van D66 heeft twijfels over de gepresenteerde afmetingen van de plannen. De uitbouw aan de achterkant zal verder uitsteken dan wij op basis van uw presentatie kunnen zien. Kunt u de exacte maten van het nieuwe plan overleggen?
7. Tijdens de informatieavond is door de wethouder aangegeven dat er afspraken zijn gemaakt met de bewoners. Kunt u exact aangeven welke (harde) afspraken over gebruik en vertrek er met de huidige bewoners en gebruikers van de panden zijn gemaakt?
8. D66 is al lange tijd voorstander van een permanente expositieruimte in de gemeente Renkum. Op verschillende locaties zijn atelier- en expositieruimtes die moesten sluiten (Oude drukkerij) of nog moeten gaan sluiten (Talsmalaan, Gelderse Roos). Bent u met de fractie van D66 eens dat er behoefte is aan een permanente atelier- en expositieruimte in de gemeente Renkum? En bent u bereid om samen met uw collega van cultuur de sluiting van de atelier- en expositieruimte aan de Weverstraat aan te grijpen om een definitieve permanente atelier- en expositieruimte te zoeken? Als suggestie zouden wij u mee willen geven dat u dat doet samen met culturele organisaties.
Inspraak Dalzone eindigt in mineur
Het leek zo mooi: twee ontwerpen voor de Dalzone (tussen de Cornelis Koningstraat en de Utrechtseweg) in Oosterbeek en de burger mocht kiezen. Schets A van Bemog of schets van Credo. Het college van de gemeente van Renkum leek eindelijk te begrijpen hoe zij om moest gaan met de mening van haar inwoners. Helaas liep het allemaal anders.
Het leek zo mooi: twee ontwerpen voor de Dalzone (tussen de Cornelis Koningstraat en de Utrechtseweg) in Oosterbeek en de burger mocht kiezen. Schets A van Bemog of schets B van Credo. Het college van de gemeente van Renkum leek eindelijk te begrijpen hoe zij om moest gaan met de mening van haar inwoners. Helaas liep het allemaal anders. In het najaar van 2007 is een Masterplan Dalzone vastgesteld. Vier geselecteerde marktpartijen kregen de mogelijkheid om (met inachtneming van het Masterplan) een schetsontwerp voor het gebied te maken. Uiteindelijk bleven twee partijen (Bemog en Credo) over. Een jury zou bepalen wie zijn ontwerp verder mocht uitwerken. Daarvoor zijn zeven criteria vastgesteld. Een van de criteria was de voorkeur van de bevolking. In de Nieuwsbrief Dalzone van november 2007 stond de volgende passage: Maar er is nog een belangrijke factor die de gemeente meeneemt in haar beslissing, namelijk de voorkeur van de bevolking. Uw stem telt dus mee!
De plannen werden gepresenteerd en inwoners kregen de mogelijkheid om gedurende twee weken hun mening te geven. 104 buurtbewoners hebben hun mening gegeven. Ruim 65% koos voor het ontwerp van Credo en bijna 35% voor Bemog. Toch kreeg Bemog de opdracht van het college. Door het college wordt als reden gegeven dat de mening van de inwoners slechts één van de zeven criteria was. Dit zou onvoldoende gewicht in de schaal leggen om tot de voorkeur van de bevolking te leiden. Maar legde de mening van de bevolking echt wel gewicht ergens in? In totaal kon een plan 100 punten krijgen. De keuze van de bevolking kreeg 15 punten, de nummer twee 10 punten. Een verschil van slechts 5 punten. De mening van de burger telt dus slechts voor 1/20 deel mee. Zeer weinig dus. De andere zes criteria werden door de jury zelf afgewogen. De keuze van de bevolking heeft dus geen doorslaggevende rol kunnen spelen. Het doorslaggevende oordeel was dus in hoge mate aan de jury en de inspraak had niet meer dan een vleugje invloed daarop. Het college heeft het advies van de jury overgenomen. In het persbericht wordt de nederlaag van de bevolking uitgelegd als zouden de ‘direct omwonenden’ in meerderheid wel voor Credo kiezen en de ‘rest van de bevolking’ voor Bemog. Het is wonderlijk hoe dit detail in de berichtgeving terecht komt en dit is door ons als lezer verder niet te verifieren. Het onderscheid naar directe omwonenden en rest van de bevolking is vooraf niet als criterium is vastgelegd, en in dit verband dubieus. Hiermee is het college er niet in geslaagd op eenzelfde lijn als de inwoners uit te komen en een heldere eensluidende uitslag van inspraak en van de jury te bewerkstelligen. Het juryrapport kent een aantal aanbevelingen voor de winnende schets. Ik zou graag een aanbeveling doen voor dit college: als u inspraak organiseert moet u de uitslag daarvan een zwaarder en duidelijker gewicht geven – en doe het anders niet! Deze uitslag leidt tot ruis en inwoners die denken: waarom moest ik hierover mijn mening geven?
Jasper Verstand Commissielid Leefomgeving en fractievolger van D66 Renkum
Voorstel selectie woningbouwlocaties
De gemeentelijke taak met betrekking tot ruimtelijke ordeningsvraagstukken wordt steeds groter. Zeker op het moment dat op 1 januari 2008 de nieuwe Wet ruimtelijke ordening in werking treedt. Het primaat komt dan te liggen op gemeentelijk niveau. Dit vraagt om een zorgvuldige invulling door de gemeente; een collectieve verantwoordelijkheid van college en gemeenteraad. Tot nu toe is het het college echter niet gelukt dit onderwerp, nieuwe woningbouwlocaties, en het bijborende proces op een zorgvuldige manier te behandelen. Dat bleek onder andere uit: aangekondigde vertrouwelijke vergaderingen, aangekondigde afgelaste vertrouwelijke vergaderingen, vertrouwelijke informele bijeenkomsten, onrust onder inwoners door publicaties, overhaaste persberichten van het college dat nog niets is besloten en partijen die hier politiek op willen scoren door nogal gretig de pers te zoeken. Het is allemaal niet zorgvuldig. De onrust die is ontstaan onder inwoners van de gemeente rekent de fractie van D66 u dan ook aan. Het verdere verloop van de procedure moet toch echt beter en zorgvuldiger.
Vraag aan de wethouder: waarom wilde u dit onderwerp eerst vertrouwelijk bespreken met de raad?
Inhoud
Wij staan voor een dilemma. Ook in onze gemeente moeten huizen worden gebouwd maar tegelijkertijd is onze gemeente bekend om zijn groene uitstraling en zijn prettige manier van wonen. Juist open groene kleine ruimte maken het wonen in onze gemeente zo aangenaam. Steeds vaker worden in ruimtelijke nota’s open plekken als noodzakelijk aangemerkt. Door sport en spel blijven kinderen en ouderen gezond, groene plaatsen geeft mensen een gevoel van ruimte en vrijheid en deze plekken vergroten de sociale cohesie in een buurt. We moeten hier een keuze maken (die niet gemakkelijk is, dat moeten bewoners beseffen) tussen maatschappelijk, gemeentebreed belang en het belang van groepen individuele bewoners. De fractie van D66 loopt niet weg voor deze verantwoordelijkheid.
Wij hadden graag gezien dat het perspectief van het college breder was geweest dan alleen naar eigen gronden kijken. Vraag aan de wethouder: hoe staan de ontwikkelingen op de aangedragen locaties ten opzichte van het overige gemeentelijke woon- en bouwbeleid? Wat bepaalt dat deze locaties urgentie hebben?
Selectiecriteria
Het idee om de locaties te waarderen volgens vaste criteria is positief. Een inbreidingsnota zoals eerder in het coalitieakkoord is voorgesteld is dus niet nodig. De fractie van D66 heeft de wethouder een memo aangereikt met enkele suggesties voor enkele verbeterpunten. Met name op het gebied van de selectiecriteria. Helaas heeft de wethouder deze suggesties niet overgenomen. Wij missen namelijk een belangrijke selectiecriterium: wat is de waarde van het huidige gebruik? Waar wordt de locatie nu voor gebruikt? Is dat dagelijks gebruik of eenmalig gebruik? Wat kan er niet meer gebeuren op de locatie als er woningen worden gebouwd? Een inspreker noemde dit de maatschappelijke waarde. Het vreemde is dat dit geen criterium is, maar dat dit criterium er wel voor zorgt dat de locatie Bart Crumstraat afvalt omdat er jaarlijks een festival wordt georganiseerd. D66 zou graag zien dat alle locaties langs een meetlat worden gelegd waarin ook het huidige gebruik wordt gewaardeerd..
Vraag aan de wethouder: bent u het met de fractie van D66 eens dat dit criterium niet mag ontbreken?
Een van de wegingsfactoren is draagvlak. U maakt vanachter uw bureau een inschatting van de reactie vanuit omwonenden en belanghebbenden. Vraag aan de wethouder: waarom vraag u het de burgers niet gewoon? Waarom hebt u niet eerst draagvlak gepeild onder de inwoners? Bent u bang voor de burger?
De fractie van D66 wil ook dat wordt onderzocht of het huidige gebruik op een alternatieve locatie kan worden voortgezet als er toch woningen worden gebouwd.
De omvang van het perceel weegt zwaar me in de afweging van het college. Daarmee worden kleinere locaties ondergewaardeerd, die wel degelijk kunnen bijdragen aan b.v. verbetering van de leeftijdsopbouw of sociale samenstelling van een kern of wijk of die een centrum verlevendigen of een voorziening in de directe omgeving ondersteunen. Kleine locaties versterken juist de gewenste diversiteit.
In bijlage 3 worden de inhoudelijk-technische onderzoeken opgesomd. Volgens het voorstel worden deze onderzoeken verricht ten tijde van het opstellen van een ruimtelijke onderbouwing. Sommige inhoudelijk-technische onderzoeken kunnen echter leiden tot een (wettelijke) blokkade op de woningbouw. Het is relevant om dit in een zo vroeg mogelijk stadium te weten. Voor wat betreft de locatie Het Talud hebben we de wethouder geadviseerd om zo snel mogelijk een onderzoek externe veiligheid te verrichten in verband met het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor. En een akoestisch onderzoek te verrichten ten behoeve van de maximale geluidsbelasting. De wethouder heeft deze suggestie echter niet overgenomen.
D66 zou graag zien dat alle locaties ook worden gewaardeerd op het belangrijkste selectiecriterium; namelijk de waarde van het huidige gebruik. Wat betreft de locaties kunnen wij het volgende zeggen:
Jolinkweitje, Rehobothschool, Bart Crumstraat
De fractie van D66 begrijpt de visie van het college op de locatie Jolinkweitje (wel bouwen) en op de locatie Rehobothschool en Bart Crumstraat (niet bouwen)
Airborneweg
Het bestaande volkstuinencomplex en aansluitende trapveld zijn bij uitstek geschikt als vloeiende en natuurlijke overgang tussen huidige woningbouw en golfbaan. Verandering hiervan ten behoeve van nieuwbouw zal niet een verandering ten goede zijn. Draagvlak is er vooralsnog niet, het huidige gebruik is te belangrijk (volkstuin, trapveld, buurthuis) voor aanwonenden. Een alternatief is bovendien niet bekend. Het college is te positief over deze locatie. D66 wil hier graag lagere prioriteit aan toekennen.
Het Talud
Momenteel heeft deze locatie de volgende belangrijke functies: speeltuin, trapveld, hondenuitlaatgebied, recreatieterrein en buffer naar het spoor. Als deze strook verdwijnt zou dat jammer zijn. De bestaande bebouwing van de aanliggende wijk is zeer dicht. De externe veiligheid en geluidsoverlast kunnen bovendien voor problemen zorgen. Het fietspad dat er nu ligt heeft een bovengemeentelijke functie. Deze locatie is te waardevol om te bebouwen.
Spechtlaan
Zoals ik al zei worden kleine locaties ondergewaardeerd. De ontwikkelingsmogelijkheden op de locatie Spechtlaan zijn eenvoudig. Dat hier ‘minder’ woningen gebouwd kunnen worden is in onze ogen niet relevant. De fractie van D66 vindt dat deze locatie dan ook ten onrechte is afgevallen.
Conclusie
Het proces zoals dat tot nu toe is verlopen, is onzorgvuldig. De notitie is niet compleet, er ontbreekt een belangrijk criterium (de maatschappelijke waarde van de locaties). D66 stemt daarom niet in met deze notitie.
De fractie van D66 begrijpt de visie van het college op de locatie Jolinkweitje (wel bouwen) en op de locatie Rehobothschool en Bart Crumstraat (niet bouwen). Locatie Spechtlaan is te snel afgevallen. Locatie Airborneweg moet een lagere prioriteit krijgen. Locatie Talud moet niet bebouwd worden.
13 maart 2007




word lid